Export
Insights

Overnamegolf in de Foodsector: Kansen voor Nederlandse Export

Weinigen zal het zijn ontgaan afgelopen februari: de mislukte pogingen van Kraft Heinz om Unilever in te lijven. Nota bene Kraft Heinz, dat in 2015 zelf ontstond na een mega-deal die Heinz eigenaar maakte van Kraft Foods en zo de zesde levensmiddelenproducent ter wereld werd.

Interessante vraag is wat deze samenballing in het marktlandschap betekent voor de in Nederland ook talrijke middelgrote bedrijven in de food sector. Is het echt waar dat straks de meerderheid van de wereldmarkt voor voedingsmiddelen bediend zal worden door enkele tientallen bedrijven? Of zullen de foodgiganten juist ruimte creëren voor producenten die zich met een authentiek concept kunnen onderscheiden in een niche? Nu kan het natuurlijk zijn, dat bedrijven die succesvol een bepaalde niche bedienen, zelf worden ingelijfd door een grote groep. Maar in de tussentijd kunnen deze concepten prima zelfstandig een weg vinden over de grenzen heen en een referentie worden voor een specifiek marktsegment. Zowel foodservice als retail zijn momenteel juist erg op zoek zijn naar die onderscheiding. Zeker als ze hiermee via hun eigen private label klanten aan zich kunnen binden. Zo laten de grote multinationals vaak gaten vallen, waar kleinere bedrijven met neus voor klantbehoeften en (vaak ambachtelijke) kunde heel lenig in kunnen springen.

Wat valt nog op? De overnamewoede van de grote foodconcerns en uitbreiding van markten leiden op mondiaal niveau tot verandering van eetgewoonten. Basis ingrediënten en bestanddelen worden vervangen door industriële instant producten en -maaltijden als soepen, pizza’s etc. Deze sluiten aan bij een groeiende behoefte aan convenience in opkomende markten als Indonesië, Nigeria of India waar zich een stedelijke werkende middenklasse met beperkt bestedingsvermogen vormt. De handel in vorm van supermarkten heeft ook zijn intrede gedaan: in Latijns Amerika en Zuidoost Azië is het marktaandeel van supermarkten in 20 jaar van 5 tot 50 procent gestegen. In deze zich ontwikkelende markten is nu voornamelijk behoefte aan kwalitatief mindere convenience concepten, die van de autoriteiten alle ruimte krijgen omdat voedselstandaarden lager zijn dan in Europa. In Westerse landen geldt een tegenovergestelde tendens: als je waarde wilt toevoegen in een markt die wordt gedomineerd door reuzen als Kraft Heinz en Unilever, is onderscheid maken van vitaal belang. Natuurlijk, gezond, authentiek, kwaliteit en gemak sluiten in het Westen het beste aan bij koopmotieven van de consument die zijn enthousiasme voor de industriële megaproducenten is verloren. Mogelijkheden te over dus, ondanks (of misschien dus dankzij) de verdergaande consolidatie in de levensmiddelensector.

Laurent Boll
Export Manager